de kunstschilder John Zeiner

Beelden in brons en keramiek

der Kunstmaler John Zeiner

Creatieve workshops, teambuilding, bedrijfsuitjes en groepsuitjes met Art in one.

creatieve workshops in de buitenlucht

creatief centrum voor de gemeente Heumen

Kreativ Kurse

Beeldentuin

Joke Visser management ondersteuning en support

Karakachan honden-dogs

kunstenaar

beeldend kunstenaar

beeldende kunstenaar

kunstschilder

schilderijen

schilderijen

OP ZOEK NAAR EEN ZINVOLLE EN
CREATIEVE VRIJETIJDS-BESTEDING ?
Aquarel is een schildertechniek waarbij een schilderij gemaakt wordt door gebruik van waterverf op papier. Inhoud [TonenNiet tonen] 1 Verf 2 Papier 3 Penseel 4 Verdere benodigdheden 5 Schildertechniek 6 Gemengde technieken 7 Afwerking 8 Geschiedenis Verf De aquarelverf bestaat in de vormen: blokjes, ook wel napjes genoemd, die bestaan uit geperst pigment. Er bestaan hele napjes, ongeveer een vierkante centimeter groot, en halve napjes. tubes De verf bestaat vrijwel alleen uit zuivere pigmenten, vermengd met arabische gom die zorgt voor de kleefkracht tussen de pigmentdeeltjes en het papier, en glycerine. Aquarelverf is, in tegenstelling tot plakkaatverf altijd transparant. De meeste aquarelschilders gebruiken geen wit. Het wit in een aquarel bestaat dan uit het onbeschilderde papier. Sommigen gebruiken dekkende witte verf om accenten aan te brengen, maar daar moet spaarzaam mee worden omgegaan. Soms wordt de verf in de pure kleuren gebruikt, maar het mengen van de verschillende kleuren is ook eenvoudig mogelijk, hoewel het mengen van meer dan twee kleuren meestal niet tot een bevredigend resultaat leidt. Sommige kleuren verdringen elkaar in de natte verf, een verschijnsel waar ervaren schilders handig gebruik van kunnen maken. Papier Het papier waarop een aquarel geschilderd wordt bestaat in zeer vele varianten. Dik papier werkt vaak prettiger dan de dunnere soorten, maar in alle gevallen moet het papier worden opgespannen voordat met aquarelleren wordt begonnen. Dit opspannen gebeurt door eerst het papier helemaal nat te maken en het vervolgens met een speciaal soort plakband (voorzien van een lijmsoort die nat gemaakt wordt en dan plakt) te bevestigen op een plank hout, die zo dik dient te zijn dat het hout niet krom trekt als het papier opdroogt en daardoor krimpt. Het oppervlak van het papier kan grof zijn, dan wel glad. De meeste kunstenaars prefereren een wat ruw oppervlak. Penseel Aquarelpenselen hebben, in tegenstelling tot penselen voor olieverf, een korte steel. Een ervaren aquarelleerder heeft voldoende aan één penseel, bijvoorbeeld een dikke, ronde penseel van marterhaar. Het penseel moet veel water kunnen opnemen en dient uit te lopen in een zeer fijne punt. Met een dergelijke penseel kan zowel een groot oppervlak worden geschilderd, als kleine details. Verdere benodigdheden De aquarellist heeft verder weinig nodig, misschien een potlood om zacht een schetsontwerp te maken, en één of twee bakjes water. Twee bakjes water is handig, dan kan één bakje schoon gehouden worden. Tenslotte een palet, dat echter niet groot behoeft te zijn. Een palet met diepe gaten voor de waterige verf is handig. Er zijn geschikte verfdoosjes in de handel waarin het deksel tevens als palet bruikbaar is. Sommige schilders gebruiken een afdekmiddel om de delen in het schilderij die wit moeten blijven af te dekken. Dit middel droogt rubberachtig op, en kan van het papier worden afgewreven als de aquarel klaar is. Schildertechniek De twee basistechnieken van aquarel zijn: nat in nat, wat betekent dat men het papier nat maakt en dan hierop gaat schilderen. nat op droog, dus wordt er geschilderd op droog papier. Aquarelleren lijkt een makkelijke schildertechniek, maar vereist veel concentratie en een trefzekere hand, vooral omdat fouten niet, of slechts met veel moeite hersteld kunnen worden. Er wordt altijd gewerkt van licht naar donker. Eerst worden de lichtste delen van het onderwerp geschilderd. Met meerdere lagen over elkaar worden de donkerder onderdelen steeds verder opgevuld. Veel aquarelleerders gebruiken het toeval in hun werk. Zij laten de waterverf vloeien waar die heen wil en bereiken daarmee soms prachtige effecten. Een andere effect is het laten drogen van natte plekken. Hierbij verschijnen soms scherpe randjes langs de omtrek. Dit komt doordat het water aan de omtrek het eerst verdampt, waardoor nieuw, pigmenthoudend water zich aan de rand verzamelt. Als dit op zijn beurt weer verdampt, blijft een steeds pigmentrijkere oplossing aan de rand over. Het effect is vooral fraai bij het schilderen van bloembladeren. Een probleem voor beginnende aquarellisten zijn de watervlekken, waarbij de kleur juist geheel uit het midden van een nat verfgedeelte verdwijnt. Deze watervlekken zijn slechts moeilijk in een aquarel te herstellen. Onderwerpen die zich bijzonder lenen voor aquarelleren zijn wateroppervlakten en landschappen met opvallende lucht, maar ook wordt aquarel veel gebruikt voor stillevens en portretten. Vóór de uitvinding van de fotografie werden aquarellen veel gebruikt voor wetenschappelijke tekeningen van planten en dieren. Gemengde technieken In gemengde technieken kan aquarel goed gecombineerd worden met tekeningen in oostindische inkt, met pastelkrijt (dat ook oplost in water), of met potlood. Afwerking Omdat een aquarel erg kwetsbaar is voor beschadiging door vocht, worden aquarellen altijd achter glas ingelijst. Meestal wordt daarbij een passepartout gebruikt om de vaak ruwe randen van de aquarel te verbergen. Geschiedenis De waterverftechniek is al snel ontdekt na de uitvinding van het papier in China rond 100 na Chr. In de 12de eeuw werd papier door de Moren naar Spanje gebracht. Enkele tientallen jaren later kwam papier in Italië. Papier is, in tegenstelling tot het wat vettige perkament, geschikt voor waterverf. Men denkt dat de aquareltechniek is onstaan uit de frescotechniek. De eerst bekende Europese aquarelschilder was de beroemde Italiaanse Renaissanceschilder Rafaël (1483-1520), die zogenaamde kartons schilderde, die gebruikt werden voor het ontwerp van wandkleden of gobelins, een in die tijd zeer gewaardeerde kunstvorm. Albrecht Dürer (1471-1528) schilderde met waterverf. Het eerste onderwijs in deze techniek werd gegeven door Hans Bol (1534-1593). Andere beroemde aquarellisten zijn van Dyke (1599-1641), Thomas Gainsborough (1727-1788) en John Constable (1776-1837), hoewel allen ook olieverfschilderijen maakten. Een modernere kunstenaar die veel aquarellen heeft gemaakt is bijvoorbeeld Paul Klee. Kandinsky schilderde de eerste abstracte aquarellen. Aquarelsalon Het jaarlijks salon heeft plaats in mei. Dit Salon is een tentoonstelling van geselecteerde aquarellen -volgens opgelegd thema- die door de schilderende leden worden voorgelegd aan een externe jury op het einde van de maand januari tijdens onze winterworkshop. Aquarelfestival Om de vier jaar organiseren wij een internationaal Festival in samenwerking met de ECWS en met internationaal bekende aquarellisten. Al sinds 1987 verzorgt De Zomeracademie programma's voor een ruim publiek, zonder onderscheid naar leeftijd, opleiding of achtergrond. Vandaar ook het rijke cursusaanbod.
Iedereen kan zich creatief (leren) uitdrukken in klei, aquarel, hout ...Tijdens de cursussen in De Zomeracademie gebeurt dat op eigen tempo en niveau, zonder de druk van een vastomlijnd programma. Toch is juist dan deskundige begeleiding vereist. Door te werken in kleine groepen kunnen we elke deelnemer zoveel mogelijk individueel volgen.
Buiten de cursusmomenten kan iedereen die is ingeschreven, vrij - mits een kleine bijdrage - gebruik maken van het atelier. Er is voldoende ruimte om verder te werken of gewoon te oefenen met het beschikbare materiaal.
De werken van cursisten worden elk jaar tentoongesteld tijdens de opendeurdagen die traditiegetrouw half september doorgaan. Dan worden er ook demonstraties gegeven.
De Zomeracademie organiseert ook 'buitenshuis' activiteiten zoals tentoonstellingsbezoek of een onderhoudende babbel in het atelier van een kunstenaar.
WEEKEND- EN ZOMERWORKSHOPS
Naast de gewone cursussen die het hele jaar door plaatsvinden, organiseert Atelier Cirkel ook een reeks internationale weekend- en zomerworkshops rond welbepaalde thema's of technieken.
In het verleden kwamen al heel wat gerenommeerde keramisten aan bod. zoalsMart Jansen (NL), Frank Theunissen (F), Thomas König (D) en Katrin König (D) verzorgden workshops over porseleintechnieken. De cursus 'Grote potten/vormen draaien aan de schijf' door Mart Jansen (B) is een jaarlijkse traditie geworden. Andere gasten waren Thomas König (D) met demonstraties en toelichtingen over zijn werk, Frank Theunissen (F) met 'Decalcomanie en keramische zeefdruktechnieken', Katrin König (D) met demonstraties van haar speciale draaitechnieken.
Voorts waren er nog ateliers over 'Papierscheppen' door John Zeiner (B) en lichtte Rikus Heller (B) 'Sumie' of Japanse penseelschilderkunst toe.
Dank zij de organisatie van deze workshops wil De Zomeracademie ook semi-professionelen en academiestudenten bereiken, die openstaan voor permanente bijscholing en verruiming van hun medium.
Elk voorjaar drukken we een aparte folder met het uitgebreide programma en toelichting over de specifieke onderwerpen van deze workshops.
KINDEROPVANG
INFORMATIE
Voor meer informatie kan je steeds terecht bij
DE ZOMERACADEMIE IS ERKEND DOOR DE GEMEENTE GENNEP, DE CULTUURRAAD VAN DE PROVINCIE LIMBURG .
AL ONZE CURSUSSEN WORDEN GEORGANISEERD IN SAMENWERKING MET CREATIEF HEUMEN.
We verzorgen ook cursussen op maat voor groepen of organisaties. Dat kan eventueel zelfs op verplaatsing. Inhoud en aanpak stemmen we dan af op ieders wensen of behoeften.
POTTENBAKKEN - DRAAIEN AAN DE SCHIJF
Potterie draaien aan de pottenbakkerschijf is fascinerend enaangenaam. Hoewel het opstarten moeilijk is, volstaan concentratie enenkele uren aan de schijf om basistechnieken te leren, de knepen vanhet vak te pakken te krijgen en plezier te beleven aan deze zeer manuele techniek.
De deelnemers worden volgens niveau ingedeeld. Beginners lerenstap voor stap alle basisvaardigheden : het kleikneden, het draaienvan basisvormen (cilinder, kom...), het trekken van oren aan kopjesen kruiken. Gevorderden kunnen zich wagen aan grote schaal- enkomvormen, het draaien in serie, het samenstellen van een theepot...
HANDOPBOUW - KERAMISCHE TECHNIEKEN
Het toeval kan worden gezien als het voorkomen van gebeurtenissen waarvoor geen rationele oorzaak te vinden is, of die ontstaan door een stochastisch (random) proces. Veel van wat als toeval wordt gezien, is dat echter niet. Zo is de zijde waarop een opgeworpen muntje landt, uitgevoerd door lieden die daar bedreven in zijn, (voor de opgooier) een uitgemaakte zaak. De theorie dat toeval niet bestaat, maw dat alle gebeurtenissen van te voren volledig bepaald en dus volledig voorspelbaar zijn (het determinisme, het beroemdst geformuleerd door Laplace) heeft lange tijd de grootste schare volgelingen gekend in zowel de filosofie als de natuurkunde. De 'ontdekking' van de kwantummechanica (door onder andere Max Plack enNiels Bohr)heeft daar echter verandering in gebracht. De kwantummechanica stelt namelijk dat een deeltje (bijv. een foton of een electron) zich, afhankelijk van de waarneming als golf of als klassiek deeltje gedraagt. Het deeltje 'kiest' pas voor een van de twee mogelijkheden op het moment dat het waargenomen wordt. Een waarneming op dit niveau is dus altijd beïnvloed door de waarneming zelf. Hieruit leiden veel tegenstanders van determinisme af dat het voor de waarnemer in deze zin onmogelijk is om een volledige voorspelling te doen en dat het volledig voorspelbare universum voor de mens niet bestaat. Alles wat met klei te maken heeft, komt in de cursus aan bod. De ene wenst uitsluitend beelden te boetseren, gaande van abstracte figuren tot realistische portretten, een ander opteert voor het maken van siervormen en potterie. Iedereen probeert alle technieken eens uit en zoekt later naar eigen combinaties.
Het hele productieproces heeft elke cursist zelf in handen : klei kneden, boetseren, biscuitbakken (eerste bak tot 950°), glazuren of patineren, glazuurbranden (tot 1250°) in een gas of elektrische oven...
Tijdens de bijeenkomsten werken beginners én gevorderden samen, elk naar eigen goeddunken en vermogen. Uit ervaring weten we dat ze elkaar helpen en inspireren. Dank zij de intensieve begeleiding kunnen we zowel de technische vaardigheden als het inzicht in vormgeving en afwerking stapsgewijs laten groeien.
POTTENDRAAIEN VOOR GEVORDERDEN
Wie al enkele jaren cursus loopt en zelf een draaischijf heeft, ofover een atelier beschikt om zelfstandig te werken, voelt soms denood om zich technisch bij te schaven. Ook de stimulans van de groepontbreekt...Door maandelijkse bijeenkomsten willen we deze problemen opvangen.Elke cursist heeft een inbreng in de samenstelling van het programmadat helemaal gericht is op bijscholing en vervolmaking. Zo kan erbijvoorbeeld extra aandacht worden besteed aan het centreren endraaien van grote of samengestelde potten, de afwerking, vorm enverhouding, decoratiemogelijkheden op de draaischijf...Indiengewenst, kunnen we zelfs dieper ingaan op het draaien van porselein.
Het is eveneens de bedoeling dat we elkaars productie evalueren.Het spreekt voor zich dat we vooral oog hebben voor technische encompositieproblemen.
BOETSEREN NAAR LEVEND MODEL
EN AFGIETEN IN GIPS
Wie een museum bezoekt, vraagt zich wel eens af hoe al die beelden zijn gemaakt. Hoe is het trouwens mogelijk dat er vanéén beeld meerdere identieke exemplaren bestaan ?
Tijdens de cursus leren we de belangrijkste basistechnieken van de figuratieve beeldhouwkunst. Toch ligt de nadruk vooral op praktijkervaring. Het in klei boetseren en in gips afgieten van eenbeeld gebeurt volgens methodes die van oudsher tot heden weinig veranderd zijn.
Dit boeiende proces bestaat uit twee fasen. Een creatief moment :het waarnemen en de persoonlijke expressie doorheen het materiaal; én een technisch luik : het maken van een mal en het afgieten in gips.
Eerst leren we kleine, eenvoudige kleistudies maken naar levend model, en verkennen we de belangrijkste aspecten van de anatomie. De hoofdopdracht is het boetseren van een figuur van ca. 30 cm. Daarna maken we een mal, gieten we af en werken we het resultaat bij.
Omdat boetseren en in gips gieten weinig materiaal, technische voorbereiding en plaats vergen, kunnen ze ook makkelijk thuis gebeuren. De cursus staat zowel open voor beginners als voor gevorderden.
KERAMISCHE DECORATIETECHNIEKEN
AQUAREL
Schilderen met aquarel of waterverf levert vaak prachtige, suggestieve beelden op. Het is geen gemakkelijke techniek maar mits oefening, geduld en goede begeleiding kan iedereen het aquarelleren eigen maken.
In de cursus komen de verschillende technieken aan bod, zoals 'nat in nat', droge kwast... Ook de kleurmogelijkheden, zoals werken met koude of warme kleuren, monochroom of polychroom kleurenpalet,... worden uitvoerig toegelicht.
De begeleidster over haar passie : 'Aquarel leidt tot verrassende effecten.
Waterverfbladen zijn mooi, transparant, wanneer water en pigment hun weg vinden op de korrel van het papier. Zo verkrijg je vaak onvermoede resultaten, zowel in de sfeerbeelden als in de fijne details. Juist dat 'onverwachte' maakt het aquarelleren zo spannend.'

MODELTEKENEN


Modeltekenen is een langzaam maar leerrijk proces. Het is vooraal heerlijk om ermee bezig te zijn omdat de schoonheid van het menselijk lichaam zo fascineren is. Iedere pose, ieder gebaar is een nieuwe uitdaging.
In deze cursus staat zowel het onderwerp als de tekenaar centraal. Stap voor stap leren we alle afzonderlijke lichaamsvormen construeren om uiteindelijk een duidelijke voorstelling te krijgen van het naakte lichaam in zijn totaliteit.
Daarnaast wordt aandacht besteed aan de tekenhouding. We leren met verschillende soorten houtskool werken. Houtskool vereist een losse handgreep, wat leidt tot een ontspannen houding.
Deze combinatie van inzicht in het onderwerp en de innerlijke rust van de tekenaar kunnen modeltekenen tot een feest maken.

We werken in een groep van maximaal 10 personen. Iedere cursist gaat individueel een portret modelleren van klei. Er is een model aanwezig. Er wordt gewerkt met fijne rivierklei. Dit materiaal is voor iedereen goed toegankelijk door zijn makkelijke bewerkbaarheid. Je kunt er snel en schetsmatig mee werken. De cursusweek bestaat uit verschillende fasen: een theoretische inleiding, het kennismaken en bestuderen van het model d.m.v schetsen, de eerste opzet met klei op een armatuur (ijzeren drager) en zo gaan we al onderzoekend en opbouwend werken tot een uiteindelijk portret. De cursus is zowel voor beginners als gevorderden geschikt. Voor diegenen die ervaring hebben met het werken in was, is het mogelijk om in dit materiaal te werken (tijdig aangeven!). De kosten voor boetseerwas bedragen ± 7 euro per kilo. Je kunt het uiteindelijke portret van klei of was laten omzetten in ander materiaal bv. brons of gips. Dit kun je laten doen bij een gieterij in Nederland. Wij kunnen je helpen aan verschillende adressen. Je kunt het portret ook documenteren met foto's.

atelierbuiten organiseert teken-en schildercursussen als buitenactiviteit in weekend en midweek.
Of je het nu workshop, creatieve vakantie of cursus noemt, wij willen gewoon aan de slag met actieve mensen.
Je werkt met eigen materiaal; acryl, olieverf of aquarel.
Terwijl je bezig bent krijg je van ons aanwijzingen.
Je krijgt individueel les op jouw niveau.
Aan het eind van de dag leggen we de werkstukken bij elkaar en bespreken we wat er gemaakt is.
De accommodaties die we bieden zijn eenvoudig en goed, kunnen een dagje slecht weer overbruggen, en bieden de mogelijkheid gezamenlijk te eten.
We werken op buitengewone locaties

We werken naar aanleiding van wat we om ons heen zien.
Het op eigen wijze weergeven van de werkelijkheid op het platte vlak is enerverend en ontspannend tegelijk.

In de lessen gaat het voortdurend over beeldtaal.
Dus, over kleur, structuur, contrasten, compositie, schaduw, perspectief, lijn en vorm.
Het is belangrijk dat je goed kan omgaan met je teken- en schildermaterialen.
We kunnen je alles leren over de aquarel en het schilderen met acryl- en olieverf.
Wat is glacis en wat is a-la-prima? Hoe gebruik je een onderschildering?
Een tekening kun je als voorstudie gebruiken, maar kan ook eindresultaat zijn.
Kundigheid is geen doel op zich, het dient vooral een spannend en persoonlijk eindresultaat.
Cursisten met al enige ervaring bieden we graag nieuwe mogelijkheden aan of helpen we aanwezige vaardigheden te verdiepen. Beginners helpen we met een goede basis op weg.
Je krijgt individueel les, maar we houden ook gezamelijke werkbesprekingen zodat je veel van elkaar kunt leren.
Algemeen
Een laag zittend stoeltje (dan kun je bij je palet op de grond), afsluitbaar potje voor water of terpentine, schetsboek(je), katoenen lap, papiermes en klemmen, plakband of elastiek om je werk vast te zetten tegen opwaaien. Ter bescherming van jezelf: zonneklep, pet, zonnebrand, windjack.( we gaan alleen naar binnen als het regent) Neem als je buiten gaat schilderen formaten mee, die je kunt hanteren, en niet wegwaaien, en kies je materiaal zo uit dat je het makkelijk kan dragen. Er is bij ons ook materiaal te huur.
Wat aanwezig is
Je kunt gebruik maken van onze tekenplanken ,40x50 cm ( Montmedy). Schetsboekje, tekenpapier en losse vellen goed aquarelpapier kun je bij ons ter plekke tegen kostprijs kopen. Je kunt bovendien een nappendoos aquarelverf met 24 kleuren huren.
Teken materiaal
Potloden B, 2B, 4B, gum, puntenslijper, tekenpen, oostindische inkt, siberisch krijt. Schetsboek of los papier en goede ondergrond. Bij wassen van tekeningen heb je een potje water en kwast nodig.
Aquarel
Beperkt tekenmateriaal kan nodig zijn bij de aanvang van het werk. Keuze van de kleuren: cadmium geel licht ,kraplak donker, ultramarijn donker(minimaal), sap groen, violet, gebrande omber, pruisisch blauw, ( zeer wenselijk), indigo, paynes grey, sepia, rauwe omber (prettig erbij te hebben), perylene maroon, quinacridone gold, cobalt, ( zijn mooie extra kleuren). Koop professionele kwaliteit van Talens (rembrandt) of Winsor & Newton, en liefst in de vorm van napjes in doos die tevens als palet dient. Goedkopere kwaliteiten zijn leuk, maar minder sterk van kleur en worden bij menging snel grauw.
Gebruik aquarelpapier van lompen met de structuur die je aanspreekt, ze zijn er in vele soorten. Marterharen penselen zijn te duur, koop die van eekhoornhaar ( rond nr. 2).
Olieverf
Bij het buiten werken met olieverf kan het probleem beginnen op het moment dat het natte werk vervoerd moet worden. Voorkom dat en gebruik hardboard met lijst of linnen met lijst, zodat het opeengeklemd te vervoeren is, zonder dat de verfvlakken elkaar raken. Koop voor buiten werk niet de grootste tubes, want je vertilt je, 38ml. is prima. Kleuren: permanent rose, ultramarijn donker, lemon citroen geel, titaan wit, zwart (minimaal nodig), gebrande sienna, oker, viridian groen, gebrande omber ( wenselijk ) violet, cadmium rood ( prettig ) Koop van wit wel een grote tube!. Studiekwaliteit van merken als Talens, Winsor of Smincke voldoen prima. De verf breng je op met lyonse kwasten nr. 6, 8, 12. Terpentine neem je mee in een een klein potje dat je thuis vanuit een voorraadfles vult. Buiten kun je goed een leeg sigarenblik of andere blikken doos als palet gebruiken; natte verf laat zich dan vervoeren en is de volgende dag weer te gebruiken. Natte houten paletten of afscheurpaletten kun je niet vervoeren. Neem voor buitenwerk hardboard met een laag gesso als drager. Je kunt ook het speciale olieverfpapier kopen, maar dan heb je voor buitenwerk een stevig werkblad nodig.
Acrylverf
Volgt in alle opzichten het verhaal van de olieverf. Alleen ipv terpentine neem je water. Is bij warm weer de snelle droging een probleem, neem dan een retarder mee, en gebruik wat ruimer medium.
Voor beginners en gevorderden vormt het werken met klei een uitdaging. In de cursus zal het accent liggen op het vervaardigen van eigen werkstukken. De docent geeft toelichting over de achtergronden van het vak, en hij reikt inzichten aan om het werk tot een bevredigend resultaat te leiden.
Het draaien en het maken van handvormen vinden plaats in de ochtenduren. De middagen kunnen de deelnemers besteden naar eigen inzicht. Ofwel zij werken voort aan hun werkstuk, ofwel zij maken uitstapjes of wandelingen in de omgeving van Les Blancards.
Er zijn geen bijkomende kosten voor het werk dat in Frankrijk wordt gemaakt. De deelnemers kunnen tot vijf werkstukken in Nederland laten bakken. Deze kunnen worden afgehaald binnen circa 3 weken na afloop van de cursus op adres

Bij boetseren en beeldhouwen zoeken we naar evenwichtige (niet te verwarren metsymmetrische) driedimensionale vormen, die afgeleid kunnen zijn van dat wat we in de omgeving zien - ontdekken.
Ook hier wordt aandacht besteed aan kennis van het materiaal, het gereedschap en de verschillende basistechnieken. Bij het boetseren werken we met Franse rivierklei zonder chamotte (die kunnen we eventueel toevoegen). Bij het beeldhouwen werken we in zachte en harde natuurstenen (w.o. zwart marmer). Veel is afhankelijk van de tijd die U heeft en de ervaring. Aan het vormproces: hoe komen we tot een goede vorm (compositie), wordt veel aandacht besteed. Er zijn gereedschappen, klei en stenen aanwezig, maar als U in harde stenen werkt is het aan te raden Uw eigen gereedschap mee te nemen.
Onder Ruimtelijke Vormgeving verstaan we het zoeken naar een driedimensionale vorm door verschillende materialen met elkaar te verbinden, waardoor een evenwichtige ruimtelijke vorm ontstaat. We werken via een thema / een onderwerp. Verschillende technieken komen aan de orde en verschillende materialen zijn aanwezig.
Dit vak wordt gegeven door Mirjam Jansen, met assistentie van Katrin König, in twee nog nader te bepalen weken in augustus.
Na aanvankelijk enkele jaren te hebben geschilderd, houdt Mirjam Jansen zich sinds 1984 gedurende zes weken per jaar op Beauregard bezig met diverse technieken, maar heeft zich voornamelijk verdiept in (experimentele) grafische technieken, die zij op allerlei manieren in haar kunst toepast. De laatste jaren is zij steeds ruimtelijker gaan werken en zijn er allerlei objecten ontstaan, al dan niet afgewerkt met een of andere door haar gebruikte techniek.
Sinds ongeveer een jaar houd ik me vrij fanatiek met pottenbakken bezig. Zo'n beetje mijn halve familie is of was pottenbakker (mijn vader, vier ooms, twee neefs en een nichtje). Met een beetje overdrijven zou je kunnen stellen dat ik de enige in de familie was, die nog niet met klei zat te modderen... Zo'n anderhalf jaar geleden besloot ik dat ik er dan ook maar aan moest geloven.

Ik heb nu les van Mirjam Jansen, daarbij gaat het vooral om het draaien. Daarnaast heb ik een tweedaagse glazuurcursus gevolgd bij Mart Jansen. Draaien is typisch iets wat je niet 'uit het boekje' kunt leren. Glazuren daarentegen is veel meer een kwestie van theorie bestuderen, en dat vervolgens in de praktijk toepassen. Als je het begin te pakken hebt, dan kom je met een goed boek (zie onder 'Literatuur') wel verder. Draaien is vooral veel oefenen en gevoel ontwikkelen. Daarbij is het dan wel handig als je af en toe een uur 'op de vingers wordt gekeken' door een ervaren iemand die je tips kan geven, en vertellen wat je beter anders kunt doen.

Het is de bedoeling om in de - niet al te verre - toekomst ook keramiek te gaan verkopen. In verband hiermee ben ik nog op zoek naar enkele winkels in de omgeving van Nijmegen. Aan huis heb ik namelijk geen mogelijkheid om een fatsoenlijke verkoopruimte in te richten.

Het keramiek dat ik maak is aardewerk, gestookt op ongeveer 1100 graden C. Dit is niet zozeer een bewuste keuze, maar vloeit voort uit het feit dat mijn oven niet geschikt is voor steengoed. Aangezien bijna iedereen tegenwoordig
steengoed maakt, heeft het ook wel iets om lekker eigenwijs aardewerk te maken.
Zoals je op de foto's kunt zien wordt het glazuur op de grotere stukken aangebracht door spuiten. Het kleine spul zoals kopjes en kleine kommetjes wordt gedompeld. Verder breng ik soms spaarzaam decoraties aan. Voor
gebruiksgoed gebruik ik alkalische glazuren, voor de vazen soms ook glazuur op basis van loodfrittes. Het is wel mogelijk om op basis van lood glazuren te maken die veilig zijn voor gebruiksaardewerk, maar als het om de gezondheid van anderen gaat neem ik liever het zek Het werkproces - Van klei tot pot
Op deze pagina wil ik, voor degenen die daar nog niet mee bekend zijn, het werkproces van klei tot pot beschrijven.
Klei
Het hele gebeuren begint met de klei. Tegenwoordig koop je klei bij een winkel in pottenbakkersbenodigdheden, of een handenarbeidzaak. Vroeger gingen de pottenbakkers klei 'steken' in gebieden waar deze voorhanden was. Straatnamen als 'Leembaan' en 'Potkuilen' stammen uit die tijd. Om van deze gestoken klei te komen tot klei die je kunt gebruiken om te draaien is een heel
ere voor het onzekere. En bovendien kun je zonder lood ook mooie glazuren maken.
proces dat ik hier verder buiten beschouwing laat. Ik ga uit van de gekochte klei. Deze gekochte klei is al bijna geschikt om mee te draaien. Het enige dat je er mee moet doen is even goed kneden zodat hij mooi plastisch wordt en soepel aanvoelt.
Klei kun je in verschillende soorten kopen. Allereerst is er rood en wit bakkende klei. Ook is er klei voor verschillende baktemperaturen. Ik gebruik roodbakkende klei voor aardewerktemperatuur. Die is geschikt om tot zo'n 1150 graden te stoken. Ongebakken is deze klei geel van kleur, zoals je op de foto ziet. De klei die je in de omgeving van Milsbeek en Middelaar vindt is geschikt voor temperaturen tot zo'n 950 graden. Bij hogere temperaturen zakken de potten tijdens het bakken in elkaar. Dit komt door het hoge ijzergehalte. Dit verlaagt het smeltpunt van de klei.
Draaien
Nadat je de klei goed gekneed hebt maak je er een ronde bal van, en die gooi je stevig midden op de schijf, zodat hij al min of meer vast aan de schrijf hecht. Vervolgens zet je de schrijf aan, en dan begin je om de klei bal precies midden op de schijf te centreren, totdat hij absoluut niet meer slingert. Als je net begint met draaien is dat best moeilijk. Voor een toeschouwer lijkt het net alsof die draaiende bal klei vanzelf naar het midden van de schijf gaat. Maar het tegenovergestelde is waar: door de middelpuntvliedende krachten zoekt de klei juist de buitenkant van de schijf op.
Zodra je de klei goed gecentreerd hebt druk je hem één of twee keer tot een kegel omhoog, en weer omlaag tot een bal. Vervolgens druk je met de wijs- en middelvinger van de linkerhand een gat precies midden in de ronddraaiende bal. Met de vingers van de rechterhand geef je op dezelfde plek tegendruk. Op deze wijze dwing je de klei als het ware in de vorm van een rechtopstaande cilinder. Deze cilinder dwing je, door druk uit te oefenen tussen de vingers van de linker en rechter hand langzaam omhoog. Het zal duidelijk zijn dat de dikte van de kleiwand tijdens het hoger worden van de cilinder steeds dunner wordt. Je moet Fingerspitzengefühl (zou dat woord door een pottenbakker zijn bedacht?) ontwikkelen om te weten tot hoever je hiermee moet gaan. Stop je te vroeg, dan krijg je een lompe zware pot, ga je te ver, dan wordt de cilinderwand zo dun dat hij uiteindelijk in elkaar zakt.
Als de cilinder hoog genoeg is ga je hem in de gewenste vorm drukken. Daarbij kun je een houten 'lomer' gebruiken om de buitenkant mooi strak te krijgen, of bij een schaal bijvoorbeeld om er een mooie ronding in te drukken. Maar je kunt ook van het gebruik van een lomer afzien om mooie 'draairillen' van de vingers in het eindproduct te krijgen. Het is maar wat je wilt.
Vervolgens moet het product drogen tot het 'leerdroog' is. Leerdroog wil zeggen: niet kurkdroog, nog een heel klein beetje plastisch, maar wel al behoorlijk stevig. Dan kun je de pot 'afdraaien'. Je zet hem dan op de kop op de draaischijf vast met een paar proppen klei, en draait vervolgens met een soort mes (afdraaigereedschap) de onderkant van de pot in vorm. Meestal maak je een standring onder de pot, en het onderste gedeelte van de wand maak je dunner. Tijdens het draaien van de pot moet deze namelijk behoorlijk dik zijn voor de stevigheid, maar in een later stadium is dat niet meer nodig.
Nadat de pot afgedraaid is moet hij verder drogen totdat hij echt kurkdroog is. Afhankelijk van de situatie duurt dat meestal een of twee weken.
Bisquit bakken
Na het drogen wordt de pot voor de eerste keer gebakken.

Dit heet 'bisquit' bakken. Hierbij kunnen de producten vrij compact in de oven worden gezet, dus op en in elkaar zodat de beschikbare ruimte optimaal wordt benut. Je moet er wel rekening mee houden dat de spullen ongeveer tien procent krimpen tijdens het bakken. Het bisquit bakken gebeurt op een temperatuur van ongeveer 950 tot 1000 graden. Alhoewel de potten van te voren goed hebben gedroogd, zit er toch nog een hoeveelheid water in. Daarom moet het opstoken langzaam gebeuren. Totdat de temperatuur boven de 600 graden is, stook je op met ongeveer 100 graden per uur. Boven 600 graden is al het water er uit, en kan sneller worden opgestookt.Op de foto zie je de het uithalen van een bisquit oven. De potten hebben dan een rode terracotta kleur. Deze kleur ontstaat door het ijzeroxide (roest) dat in de klei zit. De bisquit gebakken potten zijn nog poreus. Om ze waterdicht te maken dienen ze geglazuurd en nogmaals gebakken te worden. (Opmerking: steengoed is wel waterdicht zonder dat het geglazuurd is. Steengoed wordt op hogere temperaturen, boven 1200 graden, gebakken. Bij die hoge temperaturen sintert de klei helemaal dicht.)
Glazuren
Het glazuren dient twee doelen. Het keramiek wordt er mooier door (dat is althans de bedoeling...), en het wordt waterdicht. Ook is ongeglazuurd aardewerk niet schoon te houden omdat het ruw en poreus is.
Glazuur is eigenlijk een laagje glas dat over de pot wordt gesmolten. Het glazuur bestaat uit een mengsel van een aantal chemische stoffen bijvoorbeeld siliciumoxide (kwarts), kaolien (porselein), booroxide, zinkoxide en veldspaten. Deze mengsels kun je kant en klaar kopen of zelf samenstellen. Ik kies altijd voor het laatste, omdat ik dan weet hoe mijn glazuur is samengesteld (vermijden van gebruik van schadelijke stoffen, chemische bestendigheid etc), omdat ik dan een uniek glazuur heb, en omdat ik het leuk vind om een en ander zelf uit te vlooien. Zelf een glazuur samenstellen is niet eenvoudig. Allereerst moet je de scheikundige theorie erachter leren kennen, en vervolgens vereist het een boel proeven voordat het in theorie bedachte glazuur er in de praktijk ook voldoet. (Wellicht schrijf ik nog eens een pagina over de theorie en praktijk van het glazuren.)
Je mengt het glazuurpoeder met een hoeveelheid water, en vervolgens breng je het op de potten aan. Dat kan op verschillende manieren: dompelen, overgieten en spuiten met een verfspuit. Alle drie de methodes hebben zo hun voor en nadelen.
Gieten geeft een slordig effect, het is bijna niet te doen om door overgieten een homogene laag glazuur aan te brengen. Wel wordt dit vaak gebruikt om bepaalde artistieke effecten et bereiken.
Om grotere stukken te dompelen heb je veel glazuur nodig. Voor de amateur-pottenbakker die meestal maar kleine hoeveelheden in een keer glazuurt, is dat een bezwaar. Professionele pottenbakkers dompelen wel vaak, omdat het snel werkt, en nauwelijks verliezen oplevert.
Om te spuiten heb je maar een kleine hoeveelheid glazuur nodig, wat voor de amateur-pottenbakker dus een voordeel is. Spuiten heeft echter wel een paar nadelen: je spuit veel langs de pot (verliezen), en je hebt behoorlijk dure apparatuur nodig. Naast een verfspuit heb je ook een compressor en een spuitcabine nodig. Een spuitcabine kun je vrij eenvoudig zelf maken. Tijdens het glazuurspuiten draag ik, ondanks dat ik in een spuitcabine met afzuiging werk, toch altijd een stofmasker. Anders loop je het risico dat de fijne glazuurnevel in je longen terecht komt hetgeen me niet zo gezond lijkt.
Nadat het werk geglazuurd is, is het heel kwetsbaar. Het glazuurpoeder stoot je heel gemakkelijk van de potten af.
Na het glazuren kun je eventueel nog decoraties aanbrengen. Dit kan door met behulp van een penseel met verschillende oxides op de potten te schilderen. Oxides die hier geschikt voor zijn zijn kobalt (blauw), mangaan (bruin/grijs), koper (groen) en nog een aantal andere.
Glazuur bakken
Na het glazuren en eventueel decoreren, worden de potten voor de tweede keer gebakken. Glazuurbakken doe ik op 1100 graden. Steengoed en porselein worden op hogere temperaturen gebakken. Aardewerk kan ook op lagere temperaturen (vanaf zo'n 800 graden) worden gebakken.
Het inzetten van de oven voor het glazuurbakken is een secuur klusje. Omdat je het glazuur zo gemakkelijk van de potten stoot moet je ze heel voorzichtig vasthouden. Ook moet je oppassen, als je met verschillende kleuren glazuur werkt, dat je geen vingerafdrukken met stof van een ander glazuur op de potten achterlaat. Verder mogen de potten elkaar en de wand van de oven niet raken. Ook moeten de potten op 'triangeltjes' worden gezet. Dit zijn metalen of keramische driepootjes die er voor zorgen dat de potten niet op de ovenplaat vast bakken. Bij steengoed is het gebruikelijk om de onderkant van de pot niet te glazuren, en dan heb je uiteraard geen triangeltjes nodig.
Op de foto zie je de oven ingezet voor het glazuurbakken.
Bij het glazuurbakken kun je sneller opstoken dan bij het bisquit bakken, met zo'n 150 graden per uur. De eindtemperatuur van 1100 graden houdt ik enige tijd aan (pendelen) voordat ik de oven uit zet. Het duurt een kleine dag voordat de oven ver genoeg is afgekoeld, en dan is het spannende moment daar: het resultaat van een aantal weken werk kan bewonderd worden.
De zomeracademie Milsbeek
Ook dit jaar gaat de zomeracademie Milsbeek weer van start. We werken op twee locaties. In Milsbeek zijn er 4 daagse cursussen van 5 t/m 8 juli en van 12 t/m 15 juli. Er kan worden gekozen uit de volgende cursussen: boetseren/ beeldhouwen, schilderen/tekenen/aquarelleren, pottenbakken, zang. Tevens gaan we naar een nieuwe locatie. We hebben een fantastische plek gevonden net over de grens. Een sfeervol kasteeltje van alle gemakken voorzien. De (5 daagse) cursussen hier vinden plaats van 12 t/m 16 augustus en van 19 t/m 23 augustus: boetseren/beeldhouwen, schilderen/tekenen/aquarelleren, pottenbakken, yoga-spel, zang. De cursussen worden gegeven door professionele kunstenaars, o.a. bekend als organisatoren van Keramisto en bevoegde docenten.
Tekenen, Schilderen, (19 links)Bladeren : 1 - 2 - volgende Met Crtl-D maak je van Creatiefnet een favoriet. Doe het nu!
Talens Wat moet je nou schrijven over een zo bekend merk? Alles wat je wilt weten over verf vind je hier. Nederlands
Deco-Art is een grote verffabrikant voor alle mogelijke hobbies. Alle produkten, met info over toepassing, kleurconversielijsten naar Aleenes, Delta en FolkArt, verftips en tips voor vele toepassingen. Veel gratis patronen en projecten.
EngelsJanLynn heeft allerlei pakketten, van painting by numbers tot borduren. Maar ook spullen die je in jouw favoriete techniek kunt versieren, zoals tassen, schorten, slabbetjes etc. Ook leuk is "tuckables" ofwel instoppers. Het lijkt een beetje op borduren, maar is veel makkelijker. Online bestellen, catalogus te downloaden.
Engels Craftworks Magazine Een blad met projecten voor decoupage, kaarsen, poppen, borduren, schilderen en nog veel meer. Met freebies voor leuke projecten in het archief en een kinderproject.
Engels Caran d'Ache De bekende fabrikant heeft een goed overzicht van zijn produkten op deze site. Met info over de technieken waarvoor de produkten geschikt zijn.
Engels Hindustan Pencils De grootste fabriek van potloden en gummetjes in India laat hier zijn produkten zien.
Engels Winsor & Newton Deze site is ontzettend uitgebreid en staat vol tips en technieken. Heb je een vraag over verf of verftechnieken, dan vind je hier de antwoorden. Kijken!
Engels Aanrader Deltacrafts Hier vind je alles over de verfproducten van Delta. Acrylverf, stencils, glasverf, zeep en kaarsen. Met uitleg, voorbeelden en gratis projecten. Kijk vooral bij Painters Nook (schildershoekje) voor heel veel wetenswaardigheden en tips. Veel gratis projecten, ook voor kinderen.
Engels KM Magazine Een tijdschrift voor kunstliefhebbers én makers. Inhoud van de nummers, met veel online artikelen over o.a. materiaal en technieken. Leuke links.
Nederlands Canson papier Een erg mooie site, waarin het deel over de papiersoorten al is ingevuld. Uitstekend overzicht van heel goed papier.